Charmant Knutselwerk van Tom Zé
 ã Peter Vantyghem ( Jornal de Standaard - Bruxelas  )
Sterk Belgisch koncert van legendarische samba- vernieuwer.
Brussel - Tom Zé oogt als een vriendelijke dwerg uit een verhaal van Tolkien. Mager, klein en getaand, maar gedreven door een elektrische energie die je een 59-jarige nooit zou nageven. Op het podium van een nokvolle Beursschouwburg gaf de Braziliaan dinsdagavond indrukwekkend gestalte aan zijn musikale visié, die hem in de herfst van zijn leven cindelijk de erkenning oplevert waarop hij al decennia lang wacht. Zijn verhaal trekt grillipe voren en wordt verteld met hamers, gitaren, slijpstenen, mandoline en een heel bestek. Kennismaking met een inick performer.
       

   Hij klinkt zoals hij is. Drie keer binnen de minuut vraagt hij mijn naam opnieuw. Verstrooid in het banale, want gewend aan diepe gedachten. En toch geen man van de geest. Daarvoor cist het lichaam te veel zijn rechten op. Samengevat: één bol zenuwen. Stel hem een vraag en hij roept àààh, gooit zijn hoofd in zijn handen, zucht diep en zegt dan met blinkende ogen: Claude Lévy-Strauss!

   Wat geenszins het antwoord is, maar voorbereidt op een lange uitleg die zich, als een vlieger, steeds verder ultrolt. Tot Zé plots zwijgt, de vraag volkomen bijster. En zich uitvoerig  ekskuseert.

   Hij is eigenlijk Antonio José Santana Martins. Geboren in 1936 in Irara, in de noordoostelijke staat Bahia. Knutselaar, die in zijn vaders texticiwinkci het muziekvirus te pakken kreeg, zichzelf gitaar leerde spelen, opgepikt werd door de ''Tropicalistas'' en in de jaren zestig muziek ging studeren aan de universiteit.'' De helft van mijn familie was kommunistisch: ze lieten mij veel boeken lezen. Strips waren taboe, want geestdodend. Ik  mocht zelfs geen cola drincken ''. Lacht: ''ze wilden de VS vernietigen, denk ik.'' Dat zijn zijn wortels: de afroritmen van Bahia, een intellektuele kijk, Europese muziekideeen.

   In 1973 dacht hij de syntese te hebben gevonden. Onder invloed van Ernst Widmer leerde hij Stravinsky en Bartók  Kennen. Walter Smetak leerde hem zijn eigen instrumenten te bouwen. Hans Koellreutter bracht hem de atonale teorieen van Schonberg bij. En Zé, die luisterde opnieuw naar de oude ritmen van Bahia, herkende repetitie en atonaliteit, herdacht de samba en liet Todos os Olhos op zijn land los.

   Een luchtbrug tussen de traditie en zijn tockomst. Moedig, maar onverteerbaar voor de pers: ''Ik werd verlaten. Zé schreven niet meer over mij. in zo'n geval moet je doorzetten, maar ik was zick. Als een kind dat van de moederbost werd gerukt.''

Ironic

   Brussel. Een volle zaal wacht gespannen op het eersie Belgische optreden van deze kultlegende. Toch even dank aan fan David Byrne (Talking Heads), die in 1986 het beste van Tom Zé verzamelde op een cd en daar in 1992 The Hips Of Tradition aan toevoegde. Suksesvol, en dus geniet de man nu eindelijk van enige mondiale erkenning. Nave Maria, een grillig lied over geboorte. Een zware basriff, tegendraads klavier, veel perkussie.  Tai volgt, melodieuzer en ironisch op de liefdespoezie inhakkend. Want Zé, dat is ironie. De man ondermijnt konstant zijn omgeving door zijn kontrastrijke strukturen en zijn buitensporige podiumprésence.

   Hilarisch wordt het wanneer hij in het satirische Jingle do Disco zijn eigen cd aanprijst: Tom Zé/ Geeft je ontspanning./ hoge sferen en geluk./ Tom Zé! De zaal plat van het lachen. Meteen enkele korte miniaturen erna: vingeroefeningen van een gekke knutselaar. En de samba Ogodo, waarop de hele zaal meezingt. Haast onvergetelijk hoe Zé door zijn hoekige, haast manische lichaamstaal zijn vijfkoppige groep én publick dirigeert. De muzick fascineert, de kommentaren tussendoor in stuntelig Frengels charmeren, de act nonizeert.

   En dat kleine mannetje geniet met voile teugen van het simpele feit dat hij op zijn lange rit nu ook passagiers heelft.

   Frappant is zijn ongewone visie op het instrument. ''Claude Lévy-Strauss vertelde dat alle grote uitvindingen al gedaan waren vóór onze zogenaamde beschaving begon. Huizen bouwen. Temmen van dieren.

   Landbouw. Metaalverwerking. Enzovoort... Daarna is er niets meer uitgevonden, tot ze met atomen gingen werken. Toen ik dat hoorde, overviel mij een artistieke emotie. Ik besloot die ideeen op de muziek toe te passen. Een flesopener, e vinden voor elk stuk. Ik wil instrumenten laten bespelen alsof het primitieve instrumenten zijn. Teruggaan in de tijd.''

   Dat blijkt. Op het einde, van het tweede deeltrecken Zé en zijn groep werkpakken aan.

   Een slijpmachine ideeen op.

   Een stel lepels en vorken bengelend aan een staak. Hamertjes. En ze spelen de samba, als een raderwerkje op mekaars helmen kloppend, door lepels graaiend, vonken slijpend van hun instrumenten.

   Terwijl het publiek ademloos toekijkt, trekt Tom Zé zijn indeeen tot hun uiterste konsekwentie door. En meteen blijkt ook hoezeer hij nog in de jaren zeventig zit, want dergelijke ''industriele'' aksenten waren hier ook gangbaar. Maar voor de volstrekt amodieuze Zé is dat geen punt: hij luistert erg weinig naar muziek, zockt zijn weg. En de provocatie, want ''alleen wat niet direct begrijpelijk is, daagt uit.''

Kind

   Na bet geboren besloot  bij uitibundig, met om wat gezegd is, maar om de aandacht. Hij is blij in Belgie te zijn, ja. David Byrne vertelde hem over een koor dat zo goed was. Jongens en meisjes, euh...? Hij bedoclt Zap Mama, blijkt na drie minuten vliegers oplaten. Uitbundig gelach.

   Ik vraag hem waarom hij, noorderling, cigenlijk in het urbane São Paulo   woont. Hij sleept er meteen proust bij.

   ''Tocn hij kind was, luisterde die naar de klokken van Cambrai. Daarna nooit meer, tot hij oud was en ze opnieuw hoorde. Maar ik ben altijd blijven luisteren. Zelfs hier zie en hoor ik kleine dingen die me aan Bahia herinneren. Alain Resnais zei dat je het meeste leert in je eerste levensjaren. Ik leef nog steeds half in die tijd.''

   Het publiek neemt, na drie bisnummers, entoesiast afscheid met een staande ovatie.

   Tom Zé valt niet te herleiden tot één van de komponenten van  zijn sukses: het is niet de ironische beeldenstormer die bocit, noch de tedere samba-poeet, noch de gekke performer, maar het samenspel van alle drie. Hij is die musikant die kompositie een beetje als uitvinden ziet, maar vanuit zijn toren het applaus van het volk nodig heeft.

   ''Ik ging onlangs mijn eigen oude platen zoeken in een tweedehandszaak, want alleen daar kan je ze vinden. Maar er waren er geen. De verkoper zei dat hij alles doorverkocht had naar Los Angeles, waar ze erg gegeerd waren. Tja...''

   Gauw terugkomen maar.

                                                                                                                               Peter Vantyghem

Cd: Tom Zé, The Best Of Tom Zé, Warner 926396, (42'40'') - Tom Zé, The Hips Of Tradition, Warner 245118, (40'20'').